“Met een menselijke benadering kom je ontzettend ver”

“Met een menselijke benadering kom je ontzettend ver”

Een goed mens zijn – en zeker wanneer je in de hulpverlening werkt – betekent in de eerste plaats dat je ‘voorleeft’ wat waardevol is, vindt Martin Sitalsing. Hij werkt al decennia met mensen die zich aan de rand van onze samenleving bevinden. Mensen die onze aandacht verdienen: “Als patiënt of cliënt heb je het vaak al niet makkelijk gehad, wat is het fijn wanneer je ook dán als gast ontvangen wordt.”  

Paramaribo, politie & (het) goed doen
Het is een zonnige dag in oktober. Naast een vijver, tussen de neergevallen bladeren, staan twee bistrostoeltjes. De middag is net begonnen op het terrein van Lentis in Zuidlaren. Zojuist zijn Christine Albers (directeur HR bij Kompas Zuidlaren) en Martin Sitalsing er neergestreken. Een gulle lunch tussen hen in en gespreksonderwerpen te over. Maar eerst vraagt Christine haar disgenoot in het kort – voor zover dat kan – zijn intrigerende loopbaan te beschrijven. Die glimlacht even, denkend waar te beginnen en wat eruit te lichten: “Ik zal bij het allereerste begin beginnen: ik ben geboren in Paramaribo. Toen ik 8 jaar was, verhuisden we met ons hele gezin naar Nederland.” Hoewel hij na het atheneum al liever bij de politie was gegaan, volgde hij de wens van zijn ouders en ging aan het werk als accountant. Maar passie laat zich niet wegstoppen, zodat Martin later toch die overstap maakte. Daar klom hij snel op tot wijkteamchef in Amsterdam, districtschef van Groningen en Haren en korpschef van Twente. Daarmee doorbrak hij een eeuwenlange traditie: “In 2009 was ik de eerste allochtone korpschef in Nederland.” Zijn opvoeding is daar waarschijnlijk een belangrijke motor in geweest: “Bij ons thuis kwam ‘slachtofferschap’ niet in het woordenboek voor. Wij werden juist aangemoedigd kansen te pakken, zorgen dat je in alles de beste wordt.” Zoals de jonge Martin besloot als één van de besten te leren schaatsen, toen zijn ouders hun kinderen bij aankomst in Nederland op het hart drukten: ‘goed meedoen’.

Maar het gaat de Martin van nu niet alleen – of beter: niet zozeer – meer om de beste te worden, maar om ‘goed te doen’. Dat deed hij op meerdere plekken: hij maakte de overstap van de politie naar een bestuursfunctie bij Bureau Jeugdzorg Groningen en inmiddels staat hij alweer 2,5 jaar aan het roer van Lentis en Forensisch Psychiatrisch Centrum Dr. S. van Mesdag.

Martin Sitalsing

“Dít is wat ik graag doe”
Ze kennen elkaar van hun bestuurswerk bij de Stichting Kasservice, maar ter voorbereiding op deze lunch heeft Christine toch even gegoogled op ‘Martin Sitalsing’. In de veelheid aan informatie die ze vond, viel haar één ding op: “Ik vind van alles over jou en je werk, maar nergens wat je in je vrije tijd doet. Hèb je hobby’s?” Martin lacht, om de scherpe blik van zijn bestuursgenoot en om het antwoord dat hij gaat geven: “De dingen die je vindt op internet, dát is wat ik graag doe.” Naast zijn reguliere werk zijn dat uiteenlopende neventaken, van een toneelvereniging tot het Wilhelmina Ziekenhuis. Functies waarin hij kan doen en uitdragen wat – vanuit zijn levensvisie – waardevol is. “En natuurlijk tijd met mijn gezin, maar dat spreekt voor zich”, vult de echtgenoot en vader aan. “Vanavond geeft onze oudste dochter een 21-diner. Gisteren heb ik met haar in de keuken gestaan, traditioneel Surinaams koken.” En uiteraard houdt hij vanavond een speech: “Daarin verwerk ik 21 eigenschappen.” Hij ziet nu al zichtbaar uit naar dat moment en de reactie van zijn dochter.

Levenslessen
Over zijn levensvisie is een aantal jaren geleden een artikel verschenen in dagblad Trouw. Omdat levenslessen nooit verouderen, haalt Christine ze even naar het hier en nu. “Doen waar je voor staat, dat vind ik wel een hele essentiële. Omdat je daarmee aangeeft dat – zeker in de hulpverlening, waar wij beide in werken – het goede begint bij jezelf.” Op het andere bistrostoeltje wordt driftig geknikt: “Ik geef graag het goede voorbeeld, thuis en op mijn werk. Want je eigen normen, waarden en principes moet je voorleven, vind ik.” Dat doet Martin Sitalsing dan ook, vanuit die levensvisie werd hij bijvoorbeeld bestuurder van Discriminatie Meldpunt Groningen: “Als discriminatie je niet aanstaat, kun je blijven mokken vanuit je slachtofferschap. Maar je kunt ook laten zien wat de meerwaarde is van een andere achtergrond en je van daaruit actief inzetten tegen discriminatie.”


Christine Albers

“Als discriminatie je niet aanstaat, kun je blijven mokken vanuit je slachtofferschap. Maar je kunt ook laten zien wat de meerwaarde is van een andere achtergrond.”

Inspannen voor mensen die het minder hebben
Mensen die het ook minder hebben getroffen maar voor wie doorgaans minder begrip is in de publieke opinie, zijn TBS-patiënten. “In hoeverre kun je ze behandelen en waar houdt het op?”, vraagt Christine zich af. “De inspanning voor deze mensen moet je niet stoppen”, zegt de Van Mesdagbestuurder stellig. “Het is een verantwoordelijkheid van de maatschappij om ook deze mensen als ménsen te blijven zien en ze te behandelen.” Zijn tafelgenoot is het roerend met hem eens, ziet ook de overeenkomsten met zijn voormalige politiewerk: “Daar kreeg je natuurlijk ook te maken met mensen aan de rand van de samenleving, die niet goed konden meekomen.” Martin knikt: “In beide werkgebieden is sprake van mensen die aandacht nodig hebben om zich te kunnen handhaven in het dagelijks leven.” Om dat een zo groot mogelijke kans van slagen te geven, is Lentis de nadruk meer gaan leggen op ambulante begeleiding, in de eigen omgeving van de patiënt. “Want je ziet het in het klein al bij medewerkers, hoe lastig het is om weer aan het werk te gaan wanneer je een tijdje uit de roulatie bent geweest. Moet je nagaan hoe dat is wanneer je door een opname in een ggz-instelling uit de maatschappij bent gehaald. Dan sta je op een gegeven moment weer buiten en moet je het in je eentje zien te rooien. Daar is écht goede begeleiding bij nodig.”

Ondertussen komt er een hondje aanrennen over het gras, een Jack Russel. Hij blijkt van één van de medewerkers. Martin begroet de viervoeter enthousiast: “Wij hebben ook zo’n hond gehad, die is 16 geworden.” Wanneer het beestje kijkt of er nog iets lekkers te halen valt, roept zijn baasje hem tot de orde. Ondertussen zijn Christine en Martin alweer de inhoud ingedoken.

Zorg voor medewerkers
“Het is mooi dat wij ook iets voor jullie doelgroep kunnen betekenen”, verwijst Christine naar de inmiddels 35-jarige samenwerking. Maar Lentis zorgt qua financiële zorgverlening niet alleen voor haar patiënten, ook medewerkers hebben die soms nodig: “Wanneer we signaleren dat collega’s in de problemen zitten, springen we daarop in. Dat kan van alles zijn, problemen hebben met het aflossen van een schuld bijvoorbeeld”, legt Martin uit. Dat hoort bij goed werkgeverschap, vindt hij: “Wanneer ik in mijn tijd bij de politie wist dat er bij iemand een loonbeslag was gelegd, ging ik met diegene in gesprek. Want zo’n beslag ligt er niet voor niets, daar zit vaak een heel verhaal achter.”

Ook vakinhoudelijk staat Martin Sitalsing achter zijn mensen: “Ik probeer mijn mensen ervan te overtuigen dat ze geen verantwoording moeten afleggen aan het systeem, maar aan de samenleving. Ik sta achter ze, zeker als zaken niet goed gaan.” Zorgprofessionals moeten af van het angstdenken, vindt hij: “Soms overheerst het denken over de eventuele consequenties voor de eigen functie. Dat overschaduwt het handelen vanuit gevoel, kennis en professionaliteit. Als je weet dat de directie achter je staat, voel je je vrijer om de juiste beslissingen te nemen.”

Martin Sitalsing en Christine Albers

“Angstdenken overschaduwt het handelen vanuit gevoel, kennis en professionaliteit. Wanneer de directie achter je staat, voel je je vrijer om de juiste beslissingen te nemen.”

Kijk om je heen…
Teveel regels werken beperkend, weet Martin. Ooit was hij betrokken bij de aanpak van een verkeerssituatie in Drachten: “Dat ging om een rotonde met ontzettend veel haaientanden, verkeersborden en -instructies. Met als gevolg dat er heel veel ongelukken gebeurden. Toen diezelfde rotonde juist zoveel mogelijk regelvrij werd gemaakt, nam het aantal ongelukken aanzienlijk af.” Wanneer weggebruikers – of in bredere zin: burgers – weer de ruimte krijgen om hun eigen verantwoordelijkheid te nemen, heeft dat duidelijk een positief effect: “Mensen gaan dan weer om zich heen kijken, zoeken contact met de mensen om zich heen en maken zelf de inschatting of iets wel of niet kan. Dat geldt voor onze hele maatschappij, we moeten voorkomen dat de regelgeving ons verstikt en belemmert om zelf na te denken.”

Voor die vorm van openheid hebben ze ook binnen Kompas Zuidlaren bewust gekozen, vertelt Christine: “Je gevoel is een belangrijk kompas om op te varen. Daarom vind je bij onze entree geen beveiligingspoortjes maar gewoon een vriendelijke dame die vraagt ‘welkom, wat kan ik voor u doen?’.”

Datzelfde hoort bij de werkwijze binnen de GGZ, vindt Martin: “De beste zorginstellingen onderscheiden zich niet alleen door hun kwaliteit, maar – minstens zo belangrijk – door hun gastvrijheid. De meeste mensen die ons als patiënt of cliënt bezoeken hebben het over het algemeen al niet gemakkelijk. Wat is het fijn als je ook dán als gast ontvangen wordt. Met een menselijke benadering kom je ontzettend ver.”

Wanneer de lunch op is en de zon een stuk is opgeschoven, zijn de onderwerpen nog steeds niet ‘op’. Maar dat is het nooit, waar het gaat om het welzijn van mensen, concluderen beide. Ze klappen de bistrostoeltjes op en lopen terug over het gras. Kijken om zich heen, genietend van wat onbetaalbaar is.

Inschrijven nieuwsbrief

Iedere maand sturen we je een nieuwsbrief met de nieuwste lunchverhalen. Blijf volledig op de hoogte en lees meer over onze lunchpartners, hun kijk op welvaart en welzijn en hun visie op de toekomst omtrent deze thema’s.