“Wat zijn we bevoorrecht om dit te kunnen doen”

“Wat zijn we bevoorrecht om dit te kunnen doen”

De jeugd heeft de toekomst, wordt vaak gezegd. Hoe kijkt die jeugd naar de maatschappij en hoe we daarin met elkaar omgaan? Wat zijn voor hen de betekenissen van welzijn en welvaart? Floor en Maud zitten in de 5e klas van de middelbare school, bijna in de startblokken om hun toekomst te beginnen.

Vriendschap vanaf de peuterschool
“Neem eerst iets te eten”, nodigt budgetconsulent Patricia Damhof haar tafelgenoten uit. “Jullie zullen wel honger hebben.” Dat vinden beide meiden een goed idee, kijkend naar de uitgestalde lunch: “Dat is wat anders dan de broodjes bij ons op school! Zo had ik het thuis niet voor elkaar gekregen.”
“Ik ook niet hoor”, geeft Patricia eerlijk lachend toe. “Ik heb het ook maar gewoon opgehaald.”
‘Bij ons op school’ is voor Maud het Werkman Stadslyceum in Groningen, voor Floor het Praedinius Gymnasium. Ze zijn vriendinnen vanaf de peuterschool en wonen beide in Zuidlaren. “Dat zijn vriendschappen die je moet koesteren”, vindt Patricia. Overigens komt Zuidlaren tijdens de lunch ook op tafel in de vorm van een Zuidlaarderbol. Daar vallen de dames direct op aan. “Of we dat vaak eten? Alleen tijdens de Zuidlaardermarkt. Maar dan ook de hele dag door. Bij het ontbijt, tussen de middag en bij de soep…”, lacht Maud.
Patricia heeft ondertussen een kaartje gepakt en leest de tekst voor: “Het verschil tussen welvaart en welzijn is voor mij…”. Floor kijkt peinzend voor zich uit: “Daar moet ik even goed de woorden voor vinden… Welvaart is dat je het goed hebt en welzijn is dat je gezond bent”, concludeert ze. Beide kunnen niet los van elkaar worden gezien, analyseert Maud daarop door: “Wanneer jij gezond bent, komt dat door goede zorg. En die goede zorg komt weer door welvaart.” Hoe het is om geen welvaart te hebben? Daar kan ze niet goed over oordelen: “Dat heb ik zelf nooit ervaren. Ik kan me niet anders herinneren dan dat onze welvaart prima was.”

Floor 

Gelukkig zijn & geluk hebben
“In hoeverre heb je je eigen welzijn in de hand?”, vraagt Patricia zich af. “Gelukkig zíjn heeft ook wel te maken met geluk hébben”, realiseert Floor zich. “Hier, waar wij opgroeien, hebben we het goed. Wanneer je bent opgevoed in geborgenheid, wordt het een stuk makkelijker om gelukkig te zijn.”
Wanneer ze naar zichzelf kijken, draagt hun vriendschap daar ook aan bij, vindt Maud: “Floor en ik, wij trokken ons op de basisschool aan elkaar op. Hadden we elkaar niet gehad, dan hadden we nu misschien wel op een andere school en een ander niveau gezeten. Op een plek waar we eigenlijk niet pasten. Dan waren we nu minder tevreden geweest.”
“De start van je leven is bepalend hè?”, constateert Patricia. “En of je mensen hebt die van je houden en op wie je terug kunt vallen.” In haar werk ziet ze regelmatig cliënten bij wie die start niet goed is geweest. “Bij ons hebben we de uitspraak: ieder huisje heeft z’n kruisje”, vertelt Maud. “Of je nu in een schuur woont of in een villa, je hebt persoonlijk toch wel je problemen. Bij de een kunnen die beter worden opgevangen dan bij de ander. Dat is van persoon tot persoon verschillend.”
Hoe het ook zij: welzijn staat toch bovenaan, vinden beide: “Als je gezond bent dan is dat een goede opstap naar geluk.”
Het is een diepgaande, bijna filosofische discussie. “Hoe dieper je erover nadenkt, hoe ingewikkelder het wordt…”, verzucht Floor.

“Hier, waar wij opgroeien, hebben we het goed. Wanneer je bent opgevoed in geborgenheid, wordt het een stuk makkelijker om gelukkig te zijn.”

Het welzijn van de ander
Toch gaat Patricia nog een stap verder: “Jullie zijn opgegroeid in Zuidlaren en zien daardoor ook twee kanten van de maatschappij, stel ik me zo voor. Je ziet hier regelmatig mensen in het dorp die het pad in het leven even kwijt waren. Hoe kijken jullie daarnaar?”
Maud stelt zichzelf dan eerst de vraag ‘waarom?’: “Hoe komt het dat iemand zich niet goed voelt of het niet goed heeft? Komt dat omdat hij zijn best er niet voor heeft gedaan of zijn er omstandigheden waardoor het hem niet is gelukt? Want ik ben wel groot gebracht met het idee dat je je best moet doen voordat je iets krijgt. Dat niets je zomaar komt aanwaaien.”
Floor realiseert zich dat hun omgeving daarin ook wel het referentiekader bepaalt: “We zitten allebei op een school waar je ziet dat vrijwel iedereen het gewoon goed heeft. En we zijn in de omstandigheden dat we ook ons best kúnnen doen.”

Maud

Veranderde vriendschap
Zoals ieder mens zich ontwikkelt, heeft de vriendschap tussen deze twee jonge vrouwen zich ook ontwikkeld: “We zijn nu anders bevriend dan vroeger”, vertelt Maud. “Als ik bij Floor op school en in de klas was blijven zitten, had ik nog steeds om dezelfde grapjes gelachen. Wanneer je aan elkaar vast blijft zitten, doe je vooral wat je sámen leuk vindt. Nu is dat veel meer mijn eigen individuele keus.” Floor knikt: “Het is belangrijk om voor jezelf te kiezen, want niemand is hetzelfde. Ik ben een denker, Maud is een doener.”
“Daarom zijn we ook zo’n goed team!”, stelt haar vriendin. Diens welzijn is ook van invloed op het hare: “Voor mij is het belangrijk dat mensen om me heen het goed hebben. Wanneer Floor hier ongelukkig naast me zou zitten, voelde ik me ook anders.” Andersom heeft Floor hetzelfde, in zekere zin ook met mensen die wat minder dicht bij haar staan: “Wanneer ik een onbekende zie die ongelukkig lijkt, raakt mij dat ook. Dan vraag ik me af wat er met iemand gebeurd zou kunnen zijn. Ik denk daar eigenlijk teveel over na, net als over heel veel andere dingen.” Daar komt de denker in haar naar boven. En de ‘doener’ in Maud: “Ik kan dat makkelijker van me afzetten. ‘Denk aan jezelf’, zeg ik dan tegen mezelf”, adviseert ze nuchter.


Patricia Damhof

Iets terug kunnen doen
“Wat willen jullie worden?”, is Patricia benieuwd naar. De meiden kijken elkaar lachend aan: “Tja, dat is een hele goede vraag!”
Floor zou wel arts willen worden, al twijfelt ze nog: “Ik was op een open dag van de RUG, bij de faculteit Geneeskunde. Daar werd een filmpje vertoond waarin allerlei leed in korte tijd voorbij kwam. Toen moest ik wel even slikken, want dat is wat ik ontzettend moeilijk vind. Je kunt iemands leven redden, maar het kan ook misgaan”, legt ze uit. Maar direct daarna: “Aan de andere kant: hoeveel voldoening geeft het wanneer je iemands leven kunt verbeteren? Dat is natuurlijk het allermooiste wat er is.”
Ook Maud twijfelt nog: “Ik wil geen dokter worden maar eigenlijk ook weer wel. Ik denk dat ik techniek wil combineren met zorg. Als iemand heel erg last van zijn knie heeft bijvoorbeeld, om dan te kijken wat voor prothese kan helpen om die pijn te verlichten. In ieder geval”, concludeert ze, “willen we allebei het welzijn van anderen verbeteren.”
Terwijl hun toekomstplannen op tafel liggen, realiseren Floor en Maud zich ook iets anders: “Wat zijn we bevoorrecht dat we deze mogelijkheid hebben. Alleen al daarom is het belangrijk dat we iets terug doen voor anderen. Als dank dát we zo’n hoge opleiding kunnen doen. Wij krijgen de kans en zij hebben het nodig.”
“Het beweegt jullie wel, dat vind ik mooi om te zien”, sluit Patricia deze waardevolle lunch af. “Dit blijft nog wel even in mijn hoofd zitten, welvaart en welzijn. Hoe dat dan zit…”, overpeinst de denker Floor. Maud lacht en neemt haar vriendin mee naar buiten. De toekomst tegemoet.

Inschrijven nieuwsbrief

Iedere maand sturen we je een nieuwsbrief met de nieuwste lunchverhalen. Blijf volledig op de hoogte en lees meer over onze lunchpartners, hun kijk op welvaart en welzijn en hun visie op de toekomst omtrent deze thema’s.