“Naast eten uitdelen moeten we de armoede terugdraaien”

“Naast eten uitdelen moeten we de armoede terugdraaien”

Hoe moet het zijn wanneer je zó weinig geld hebt dat ‘gewoon even boodschappen doen’ niet zomaar kan? In de stad Groningen zijn 750 huishoudens die weten hoe dat voelt. Ze halen wekelijks uit de supermarkt van de Voedselbank hun voedsel, dankbaar maar vaak ook beschroomd. Soms misschien juist de schaamte voorbij. Miranda de Winter (budgetconsulent bij Kompas Zuidlaren) luncht met Ulfert Molenhuis, voorzitter van de Voedselbank Stad Groningen. Over de worsteling van het overleven, onze ‘weggooimaatschappij’ en de armoede die maar niet wil dalen.

Opgroeien in armoede
Het voelt wat gek, om met een goede lunch op tafel te praten over mensen die het zich niet kunnen permitteren om luxe broodjes en verse jus te kopen. Miranda en Ulfert laten het eten nog even voor wat het is en hebben aandacht voor de 2.500 tot 3.000 mensen die in Groningen bij de Voedselbank aankloppen. “Daar zijn natuurlijk ook veel kinderen bij”, denkt Miranda direct, zoals elke moeder waarschijnlijk zou doen. Ulfert knikt: “Zeker. In de stad Groningen groeien zo’n 5.000 kinderen in armoede op. Op een stad van 200.000 mensen is dat natuurlijk extreem hoog. Dat is 20% van het totaal aantal kinderen. Terwijl dat cijfer landelijk op 10 à 11% ligt.”
Armoede is van grote invloed op het welzijn van kinderen, nu én in de toekomst: “Kinderen uit arme gezinnen durven klasgenootjes niet bij hen thuis te laten spelen. ‘Mijn moeder is ziek’ zeggen ze dan maar. Want ze weten: bij mij thuis is het anders, daar trek je niet de koelkast open om er iets lekkers uit te pakken. Dat gebeurt twee, drie keer en dan wordt zo’n kind niet meer gevraagd.” Zo op te groeien is vormend voor hun toekomst, ziet Ulfert: “Het gebrek aan zelfvertrouwen maakt het moeilijker om een goede baan te krijgen. Terwijl de competenties er wel zijn.”

10 PUNTEN OM ARMOEDE TEGEN TE GAAN
In Nederland kennen we de Voedselbanken sinds 2002. Inmiddels zijn er 169, verspreid over het hele land. Het gezamenlijke doel van alle Voedselbanken is: op verschillende manieren een bijdrage leveren aan het verhelpen van (verborgen) armoede en tegen gaan van verspilling. In het Tienpuntenplan dat is opgesteld vanuit de Voedselbank Groningen, worden voorstellen gedaan om die armoede terug te dringen. Alle 10 punten zijn hier te lezen: https://www.voedselbank-groningen.nl/informatie/plan-tegen-armoede.

Ulfert Molenhuis - Kompas ZuidlarenUlfert Molenhuis

Een makkelijk te treffen groep
Ondanks de economische groei, groeit gek genoeg ook de armoede in de stad. Daar is wel een verklaring voor: “Groningen is een dienstverlenende én een studentenstad. Dat eerste heeft als gevolg dat er weinig werk is voor lager opgeleiden. Tel daarbij op dat studenten vanwege hun studieschuld wel een bijbaan móeten nemen, dan blijven er weinig banen over.”
Die beweging is ook landelijk zichtbaar: van de 17 miljoen Nederlanders leeft 1,2 miljoen onder de armoedegrens. “Maar tegelijkertijd zijn er in ons land nog nooit zoveel miljonairs geweest”, zet Ulfert het contrast nog scherper neer. Dat verschil wordt alleen maar groter: “In 2019 en in 2020 gaat de huurtoeslag fors naar beneden, dat treft de armsten direct. Net als de BTW-verhoging op voedsel van 6 naar 9%. Dan blijft er voor sommige mensen nog erg weinig over.”
Waar anderen de straat op gaan en protesteren, ligt dat voor de minder bedeelden anders: “Hun macht is maar heel beperkt. Wanneer ze gaan staken, heeft dat geen effect.” Miranda kijkt peinzend voor zich uit: “Een makkelijk te treffen groep.” Ze legt precies de vinger op Ulfert’s gevoelige plek: “Precies. Wij staan als land wat betreft rijkdom op plaats 6 of 7 van de wereld. Dan mág het toch niet zo zijn dat een grote groep mensen niet mee kan komen?”

“De macht is beperkt voor wie arm is. Wanneer ze gaan staken, heeft dat geen effect. Wij moeten hen daarin helpen.”

Schijnbaar aantrekkelijke aanbiedingen
Om die overtuiging kracht bij te zetten, is vanuit de Voedselbank Stad Groningen het Tienpuntenplan opgesteld: 10 punten die moeten leiden tot het terugdringen van armoede in Nederland. “Wij moeten daarin helpen, want wanneer je aan het overleven bent dan zit je hoofd vol. Dan heb je geen ruimte om je situatie structureel te verbeteren.” Miranda herkent dat exact in haar dagelijkse werk: “Ook naar de toekomst kijken lukt dan niet meer hè?”, weet ze.
Omdat het ontstaan van schulden klein begint maar snel tot torenhoge bedragen kan uitgroeien, is dat een belangrijk punt om aan te pakken: “Wanneer iemand een schuld heeft van €100.000, is er grofweg sprake van € 60.000 kosten en € 40.000 schuld”, illustreert Ulfert de verhoudingen. “Door het systeem dat wij in Nederland hebben, worden mensen met schulden alleen maar verder in de problemen geduwd. Want zo’n hoge schuld, dat is niet meer te overzien.” Daarom stellen deze voorzitter en zijn medestanders dat iemand pas iets in handen moet krijgen wanneer daar ook daadwerkelijk voor is betaald. En met effect: “De minister van Financiën heeft toegezegd nog in deze kabinetsperiode het verstrekken van kredieten te beperken. Want we moeten mensen beschermen tegen die schijnbaar aantrekkelijke aanbiedingen.”

Miranda de Winter - Kompas ZuidlarenMiranda de Winter

30% van ons eten, zó de vuilnisbak in
De Voedselbank haalt haar producten uit de eigen tuinen – waar verse groenten worden verbouwd – en van de 41 supermarkten in de stad. Zes ochtenden per week gaan vrijwilligers op pad om prima voedsel te verzamelen dat anders zou worden weggegooid. Alleen al in de stad Groningen gaat dat om 8.500 ton eten per jaar. “We zitten in een weggooimaatschappij”, stelt Ulfert, duidelijk met afkeer. Het is het tegenovergestelde van hoe hij zelf is grootgebracht: “Toen ik kind was, schepte mijn vader tijdens het avondeten op en je mocht niet van tafel voordat je bord leeg was. ‘Lust ik niet’ was er niet bij.” Hij herinnert zich nog levendig het moment dat ze aangebrande karnemelksepap voorgezet kregen: “Ik weet niet of je dat ooit hebt geproefd, maar wij zaten te kokhalzen aan tafel. En denk maar niet dat we respijt kregen. Ook dat bord moest leeg…” Verspilling is deze Voedselbankman een doorn in het oog: “We gooien als maatschappij gemiddeld 30% weg van het eten dat we kopen.”
Beide kijken ze naar het eten voor zich. “Zullen we nu maar een broodje pakken?”, vraagt Ulfert. Miranda maakt een gastvrij gebaar: “Laten we ervan genieten.”

“We moeten elkaar in de lucht houden”
“U heeft eens gezegd dat u hoopt dat de Voedselbank over 10 jaar niet meer bestaat”, haalt Miranda een uitspraak van haar tafelgenoot terug. Voor hem is dat nog steeds het ultieme streven, maar die stip op de horizon is nog heel ver weg. Het 10-stappenplan wijst wel in de richting van die stip. Een belangrijk onderdeel daarvan is de gemeenschapszin: “We moeten meer delen. De rijkeren onder ons moeten tot het besef komen dat nóg meer materiële rijkdom slechts beperkt is.”
Een andere, wellicht meer verrijkende, vorm van rijkdom is die van het delen. Daarom startte de Voedselbank het project ‘Stadjers Hand in Hand’: arme gezinnen worden rechtstreeks gekoppeld aan onafhankelijke (lees: meer vermogende) gezinnen. Die gaan met elkaar om tafel om te zien wat ze voor elkaar kunnen betekenen, bijvoorbeeld in het vinden van geschikt werk. Dit heeft er al toe geleid dat een aantal mensen niet meer naar de Voedselbank hoeven en een stukje onafhankelijkheid hebben herwonnen.

Geluk zit duidelijk in delen en geven: “Je hoeft geen christen te zijn om te leven naar ‘heb uw naaste lief als uzelf’. Je kunt niet iedereen helpen, maar wel de mensen in je omgeving. Loop bijvoorbeeld niet altijd de zwervers voorbij”, kijkt Ulfert even naar buiten, denkend aan de ‘overlevers’ in onze samenleving. Dan weer naar zijn tafelgenoot: “We moeten elkaar in de lucht houden, toch?”

 

Inschrijven nieuwsbrief

Iedere maand sturen we je een nieuwsbrief met de nieuwste lunchverhalen. Blijf volledig op de hoogte en lees meer over onze lunchpartners, hun kijk op welvaart en welzijn en hun visie op de toekomst omtrent deze thema’s.